Beschikbaar in 27 EU-landen — in jouw taal, met lokale btw-tarieven en rekenmachines
Land

Zilver kopen in België

Zilver is niet zomaar een goedkopere neef van goud, en in België begint het verschil al op de kassabon. Beleggingsgoud is vrijgesteld van btw; zilver draagt het volle algemene tarief van 21 procent over de gehele prijs, zonder verlaagd tarief en zonder ondergrens. Die ene regel weegt zwaarder door op wat uw geld aan metaal koopt dan enige koersbeweging van de komende maanden.

Deze gids volgt zilver van de aankoop tot de latere verkoop: waarom de goudvrijstelling van artikel 44bis WBTW zilver nooit heeft omvat, waarom een zilverbaar nooit onder de margeregeling kan vallen terwijl een muntstuk soms wel, wat de invoer van buiten de Europese Unie kost, en waarom zilver — anders dan wat op menige handelaarswebsite te lezen staat — buiten de nieuwe belasting op meerwaarden op financiële activa valt zonder daardoor vrijgesteld te zijn. Dat onderscheid is de kern van deze gids, en de meeste teksten over het onderwerp maken het niet.

De tekst noemt geen handelaren, geeft geen koopadvies en doet geen koersvoorspelling. Waar het Belgische recht een vraag open laat — zoals het exacte tarief voor een muntstuk dat als verzamelvoorwerp wordt aangemerkt — staat dat er ook zo bij, als open vraag en niet als cijfer dat toevallig goed uitkomt.

Auteur: Markus Markert · Laatst bijgewerkt: 8 september 2026

Inhoudsopgave
  1. Zilver begint in België met 21 procent btw
  2. Waarom beleggingsgoud vrijgesteld is en zilver niet
  3. Waarom een zilverbaar nooit margegoed kan zijn
  4. Bij zilveren muntstukken speelt de regimevraag wel
  5. Het verlaagd tarief voor verzamelvoorwerpen sinds eind 2025
  6. Zilver invoeren van buiten de EU
  7. Zilver valt niet onder de nieuwe meerwaardebelasting, en dat is geen vrijstelling
  8. Het vangnet buiten normaal vermogensbeheer: artikel 90, eerste lid, 1°
  9. De 972-euro-de-minimisregel sinds medio 2026
  10. Munt, baar of granulaat: de keuze bij zilver
  11. In porties verkopen: wat de coupuregrootte bij zilver kost
  12. Fijngehalte: 999, 925 en de oude Belgische stempels 800 en 835
  13. Volume en gewicht: de rekensom voor de aankoop
  14. Aanlopen en milk spots: chemie, geen waardeverlies
  15. De goud-zilverratio bij een Belgische aankoop
  16. Wat een zilverbestand aan opslag vraagt
  17. Cash betalen bij een zilveraankoop
  18. Kopen op afstand: geen herroepingsrecht bij een koersgebonden prijs
  19. Wat deze zilvergids aan andere gidsen overlaat
Deskundig. Onafhankelijk. Betrouwbaar.

Wij verkopen geen edelmetaal en bevelen geen handelaars aan. Elk cijfer steunt op een publicatie van de FOD Financiën, een geconsolideerde wettekst op Justel of professionele marktdata — nooit op een prijslijst. Geen koopadvies, geen voorspellingen.

Bevalt wat u hier ziet en leest?

We leggen ons hart en ziel in het snel, proper en gratis houden van preciousmetalprices.com — geen betaalmuren, geen rommel, enkel betrouwbare feiten en livekoersen. Als het je van pas komt, is de fijnste manier om merci te zeggen het gewoon door te vertellen. Elke keer dat je het deelt, laat je een medebelegger ons ontdekken en houd je het project mee in leven. 💛

Zilver kopen in België — gratis livekoers-beeld om te delen van preciousmetalprices.com
Thema
Koersgrafiek Zilver
Koersgrafiek

Hier volgt u het verloop van de Zilver koers binnen het gekozen tijdvenster. Houdt u de cursor stil boven een punt in de curve, dan verschijnt de noteringswaarde van precies die dag.

Bovenaan kiest u het tijdvenster, van "Vandaag" tot "Max". Met ingedrukte muisknop sleept u een zone open om erop in te zoomen; de kaartjes eronder vatten hoogste, laagste en nettoverandering van het gekozen venster samen.

Tip: Alleen bij "Vandaag" krijgt u het intraday-verloop met een resolutie van één minuut.

-1,26% 54,86
EUR
Huidig
(14.09.26)
54,84 €
Dag daarvoor
(11.09.26)
55,57 €
Verandering
-0,73 € -1,31%
Dag Hoog
(14.09.26)
55,60 €
Dag Laag
(14.09.26)
54,01 €
Hoogste stand ooit
(29.01.26)
98,65 €
Zilver prijs Verloop op de lopende dag: Huidig 54,84 € (14.09.26), Hoog 55,60 € (14.09.26), Laag 54,01 € (14.09.26), Verandering -1,31 %.

Elk bedrag hieronder wordt gemeten tegenover de actuele zilverprijs, die uitsluitend het metaal noteert en nooit toont wat een aankoop in België werkelijk kost.

Zilver begint in België met 21 procent btw

Op fysiek zilver rust in België het algemene btw-tarief, en dat in vrijwel elke beleggingsvorm: gegoten baren, geslagen baren, rondes en bullionmunten. Een apart tarief voor zilver van beleggingskwaliteit bestaat niet, en er is ook geen ondergrens waaronder de btw wegvalt. Hetzelfde tarief geldt voor platina en palladium, wat de gids over platina en palladium op dezelfde hindernis laat beginnen.

Metaal Btw in België Rechtsgrond
Beleggingsgoud Vrijgesteld art. 44bis, § 1 WBTW
Zilver, elke beleggingsvorm 21 % art. 37 WBTW
Platina 21 % art. 37 WBTW
Palladium 21 % art. 37 WBTW

Waarschuwing

Het algemene tarief steunt op artikel 37 WBTW. Het percentage zelf wordt vastgelegd in het uitvoeringsbesluit daarbij, K.B. nr. 20 van 20 juli 1970, waarvan voor deze gids nergens een volledige tekst te raadplegen was — dezelfde terughoudendheid geldt dus als verderop bij het verlaagd tarief. Wat het onderscheid tussen wet en uitvoeringsbesluit praktisch betekent, staat in de gids over goud kopen. Voor zilver verandert die vaststelling niets aan de uitkomst zelf: er bestaat geen vorm, geen fijngehalte, geen gewicht en geen land van herkomst waarbij het algemene tarief lager wordt of helemaal wegvalt.

Een rekenvoorbeeld: wat 21 procent aan de instap kost

De heffing is geen vergoeding voor een dienst, maar een blijvende vermindering van de hoeveelheid metaal die uw geld koopt. Bij een aankoop van duizend euro aan zilver, exclusief btw, ziet de rekensom er zo uit:

Aankoopprijs zilver, exclusief btw               1.000,00 EUR
+ btw 21 % (art. 37 WBTW)                           210,00 EUR
= betaalde prijs                                  1.210,00 EUR

Blijft de metaalkoers ongewijzigd, dan ontvangt u bij een latere verkoop enkel de metaalwaarde terug, dus 1.000,00 EUR: de 210,00 EUR btw komt er bij een particuliere verkoop niet meer uit, want teruggaaf hoort bij ondernemers met recht op aftrek van voorbelasting. Daar komen bij de premie boven de metaalwaarde en de spread tussen verkoop- en inkoopprijs nog bovenop, en beide werken bij zilver zwaarder door dan bij goud omdat raffineren, slaan en distribueren per stuk ongeveer evenveel kosten, ongeacht wat dat stuk waard is. Wat die extra kostenlaag voor zilver betekent, staat afzonderlijk uitgelegd bij waarom zilver duurder begint dan goud. Wie een aanbieding wil terugbrengen tot het metaal, gebruikt de smeltwaardecalculator en vergelijkt pas daarna twee aanbiedingen met elkaar. Het begrip btw op zilver zet dit ene gegeven — geen uitzondering, geen drempel — nog eens apart op een rij.

Waarom beleggingsgoud vrijgesteld is en zilver niet

De vrijstelling die goud geniet is nauw geschreven, en wie haar leest begrijpt meteen waarom zilver er nooit onder is gaan vallen. Artikel 44bis, § 1 WBTW stelt de levering, de intracommunautaire verwerving én de invoer van beleggingsgoud vrij — een drieledige vrijstelling die uitsluitend over goud spreekt. Nergens in het WBTW staat een overeenkomstige bepaling voor zilver, platina of palladium, ook niet in afgezwakte vorm.

Belangrijk

Artikel 44bis WBTW is een goudvrijstelling, geen edelmetalenvrijstelling. De wetgever heeft zilver niet vergeten opnemen; er bestaat eenvoudigweg geen categorie waarin het zou passen.

Welke vier criteria een gouden munt tot beleggingsgoud maken en waar de grens met een verzamelmunt ligt, hoort bij goud en staat volledig uitgewerkt in de gids over goud kopen. Voor zilver is het resultaat eenvoudiger: geen enkele vorm, geen enkel gehalte en geen enkele oorsprong verandert iets aan het tarief. Dat is meteen de reden waarom de volgende twee secties — baar tegenover munt — de enige plek zijn waar de btw-vraag bij zilver nog interessant wordt.

Waarom een zilverbaar nooit margegoed kan zijn

De Belgische heffing over enkel de winstmarge van de handelaar heet de margeregeling. Ze bestaat wel degelijk, maar voor een zilverbaar is ze categoriek gesloten: artikel 1, a) K.B. nr. 53 van 23 december 1994 definieert gebruikte goederen als lichamelijke roerende goederen, andere dan kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten, en andere dan edele metalen, edelstenen en parels. Onbewerkt zilver komt aan de voorwaarden van de margeregeling dus eenvoudigweg niet toe — geen vrijstelling waarop een beroep kan worden gedaan, maar een uitsluiting uit het toepassingsgebied zelf.

Voor de koper levert dat één zekerheid op die meer waard is dan ze lijkt: op een zilverbaar staat altijd 21 procent over de volledige prijs, ongeacht bij wie de handelaar zijn voorraad heeft ingekocht. Omdat een tweede regime niet mogelijk is, gaat een vergelijking tussen twee baren zuiver over premie en fabricage, en blijft er geen fiscale verklaring over voor een prijsverschil tussen twee aanbieders van dezelfde baar.

Tip

Reken elke aanbieding om naar de prijs per gram fijn zilver, inclusief btw en verzendkosten, en vergelijk pas daarna. Bij een baar is dat de volledige vraag; er is geen regime dat het beeld nadien nog kan verschuiven.

Bij zilveren muntstukken speelt de regimevraag wel

Bij munten ligt het anders, en dat is de enige opening die zilver in België fiscaal kent. Volgens de administratieve commentaar (Circulaire 2022/C/30 van 17 maart 2022, E.T. 138.959) merkt de administratie in edel metaal geslagen munten die in hun land van oorsprong wettig betaalmiddel zijn, maar die normaal niet als zodanig worden gebruikt, aan als voorwerp voor verzamelingen in de zin van artikel 44, § 3, 9° WBTW — ook zonder numismatische waarde en ook bij massale oplages verhandeld in tubes.

Let op

Zilveren bullionmunten zijn niet hetzelfde als zilverbaren. Volgens de administratieve commentaar worden in edel metaal geslagen munten die wettig betaalmiddel zijn maar normaal niet als zodanig worden gebruikt, aangemerkt als voorwerp voor verzamelingen in de zin van artikel 44, § 3, 9° WBTW. Dat is een standpunt van de administratie, geen wettekst — de letterlijke formulering van dat artikellid was voor deze gids nergens officieel te raadplegen.

Het gevolg van die indeling is niet wat de naam doet vermoeden: artikel 44, § 3 somt vrijstellingen op, maar de indeling als verzamelvoorwerp ontneemt de munt precies de munt-vrijstelling van de gewone monetaire regeling, zodat een gewone, belaste levering overblijft. Wat de indeling wél opent, is de weg naar de margeregeling langs de band van voorwerp voor verzamelingen — een weg die voor een baar per definitie gesloten blijft. Of een concreet bullionmunt in de praktijk via de gewone regeling dan wel via de margeregeling wordt gefactureerd, hangt af van hoe de handelaar het stuk zelf heeft ingekocht, en dat ziet u op de bon niet terug als afzonderlijk btw-bedrag wanneer de margeregeling wordt toegepast.

Voor de koper blijft daardoor maar één nuchtere handeling over: vraag vóór de aankoop onder welk regime de factuur valt. Twee identieke munten uit dezelfde koker kunnen bij twee handelaren langs verschillende routes zijn binnengekomen, en aan het muntstuk zelf is dat niet te zien. Achteraf verandert er niets meer aan de prijs die u al hebt betaald; de factuur is dan alleen nog een vaststelling van wat er is gebeurd, niet een aanknopingspunt om een ander regime te claimen.

Het verlaagd tarief voor verzamelvoorwerpen sinds eind 2025

Sinds 31 december 2025 geldt voor de levering van kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten een verlaagd tarief: rubriek XXI, § 1 van tabel A bij het K.B. nr. 20 is met ingang van die datum vervangen door artikel 6 van de wet van 19 december 2025 (BS 31.12.2025, numac 2025009849). Voor de hoogte van dat verlaagd tarief geldt hier dezelfde terughoudendheid als voor het algemene tarief: de tekst van K.B. nr. 20 was voor deze gids nergens volledig te raadplegen, dus noemt deze gids geen percentage waar dat niet aan de norm zelf kon worden gecontroleerd.

Opmerking

Twee voorwaarden bepalen of dat verlaagd tarief voor een zilveren muntstuk in beeld komt: de munt moet als voorwerp voor verzamelingen gelden, en volgens § 2 van dezelfde rubriek moet er sprake zijn van numismatisch belang. Of een gangbare bullionmunt zonder verzamelaarswaarde aan die tweede voorwaarde voldoet, is niet met een officiële bron te bevestigen — waarschijnlijk niet, maar dat blijft hier een open vraag en geen bewering.

Wie de margeregeling en het verlaagd tarief tegelijk wil combineren, komt bovendien bedrogen uit: artikel 5 van dezelfde wet maakt de margeregeling afhankelijk van de voorwaarde dat op de inkomende levering geen verlaagd tarief is toegepast. Het is dus het een of het ander, nooit allebei op dezelfde schakel.

Zilver invoeren van buiten de EU

Bij invoer uit een land buiten de Europese Unie herhaalt zich het patroon van de binnenlandse levering. Artikel 44bis, § 1 WBTW stelt de invoer van beleggingsgoud uitdrukkelijk vrij; voor zilver, platina en palladium ontstaat bij invoer gewoon btw naar het algemene tarief. Of het verlaagd tarief van de vorige sectie ook bij invoer speelt, is een open vraag: rubriek XXI, § 1 noemt in de geldende tekst enkel de levering, terwijl de btw-commentaar juist enkel de invoer van numismatische munten noemt. Beide teksten zijn onverenigbaar; deze gids doet daarover geen uitspraak.

Wat u invoert Btw bij invoer
Beleggingsgoud Vrijgesteld (art. 44bis, § 1 WBTW)
Zilver, platina en palladium in gangbare beleggingsvorm Het algemene tarief
Munten of stukken als voorwerp voor verzamelingen Open vraag, zie de tekst hierboven

Bij een zending via post of koerier berekent de vervoerder de verschuldigde btw in de praktijk zelf door, samen met een eigen behandelingskost, zodat het bedrag pas bij aflevering zichtbaar wordt. De mechaniek van aangifte en inklaring bij edelmetaal staat samengevat in het lexicon onder douane en invoer van edelmetaal. Een aanbieding uit een derde land die op het scherm goedkoper oogt, is dat na invoer, vervoer en verzekering niet altijd meer.

Zilver valt niet onder de nieuwe meerwaardebelasting, en dat is geen vrijstelling

Sinds 1 januari 2026 belast de Wet van 6 april 2026 tot invoering van een belasting op meerwaarden op financiële activa (BS 21.04.2026, numac 2026002780) de winst bij verkoop van bepaalde financiële activa door particulieren. Fysiek beleggingsgoud staat daar met zoveel woorden in. Zilver, platina en palladium staan er niet in — en dat verschil is geen tariefkwestie, maar een kwestie van wat de wet als belastbaar voorwerp aanwijst.

Vier letters, geen zilver

Artikel 92, § 1 WIB92 somt de financiële activa op in vier onderdelen:

Onderdeel Wat het omvat
a) Financiële instrumenten
b) Verzekerings- en kapitalisatiecontracten
c) Cryptoactiva
d) Giraal en elektronisch geld, beleggingsgoud, digitale centralebankvaluta

Kort samengevat: artikel 92, § 1 WIB92 somt de financiële activa op in vier onderdelen a) tot d). Zilver, platina en palladium komen in de hele wet niet voor. Er is dus geen belastbaar feit — en dat is iets anders dan een vrijstelling.

Let op

„Zilver is vrijgesteld van de meerwaardebelasting” is een foute rechtsuitspraak. Een vrijstelling onderstelt een belastbaar feit dat door de wet uitdrukkelijk wordt teruggenomen — zo werkt de echte vrijstelling van goud, de eerste schijf in artikel 96/2 WIB92. Bij zilver ontbreekt de eerste stap al: er is geen belastbaar feit om vrij te stellen.

De volledige uitwerking van die goudvrijstelling — het bedrag van de eerste schijf, het tarief van 10 procent, de referentiewaarde voor bestaand bezit — hoort niet in deze gids over de aankoop, maar in de gids over belasting op edelmetalen. Voor de koopbeslissing volstaat het onderscheid van hierboven: geen belastbaar feit is niet hetzelfde als een vrijstelling, en het verschil bepaalt of er bij verkoop hoegenaamd een aangifte in de personenbelasting nodig is. Wie zilver binnen een normaal privévermogen verkoopt, hoeft de winst op grond van de Wet van 6 april 2026 nergens aan te geven — niet omdat de wet dat toestaat, maar omdat ze het onderwerp eenvoudigweg niet noemt. Dat is een wezenlijk ander uitgangspunt dan bij goud, waar de aangifteplicht wél bestaat en pas door de vrijstelling van de eerste schijf wordt verzacht.

Het vangnet buiten normaal vermogensbeheer: artikel 90, eerste lid, 1°

Dat zilver buiten de nieuwe belasting op meerwaarden valt, betekent niet dat elke verkoop onvoorwaardelijk onbelast is. Onder de nieuwe wet blijft het oudere vangnet van artikel 90, eerste lid, 1° WIB92 bestaan: winst die niet binnen de normale verrichtingen van het beheer van een privévermogen valt, wordt als divers inkomen belast tegen 33 procent, plus gemeentelijke opcentiemen bovenop. Dat is geen theoretisch scenario voor wie stelselmatig en buiten een gewoon beheer met zilver handelt.

Waarschuwing

„Zilver verkopen is altijd belastingvrij” klopt niet zonder meer. Buiten normaal vermogensbeheer grijpt artikel 90, eerste lid, 1° WIB92 met 33 procent plus gemeentelijke opcentiemen. De uitzondering die dat voor de meeste particuliere verkopen onschadelijk maakt, staat in de volgende sectie.

Belangrijk is waar de gemeentelijke opcentiemen wél en niet bijkomen. Artikel 466, tweede lid WIB92 neemt uitdrukkelijk alleen de meerwaarden van artikel 90, eerste lid, 9° — de nieuwe regeling voor beleggingsgoud — uit van de opcentiemen. Die uitzondering geldt niet voor 1°: wie onder het vangnet valt, betaalt de opcentiemen bovenop de 33 procent, wat de effectieve belasting op een verkoop buiten normaal beheer hoger maakt dan de 10 procent die voor beleggingsgoud geldt.

De drie constructies naast elkaar

Norm Kern Praktisch gevolg
art. 96/2 WIB92 Echte vrijstelling voor beleggingsgoud De eerste schijf is vrij, het overige belast tegen 10 %
art. 92, § 1 WIB92 Zilver, platina, palladium komen niet voor Geen belastbaar feit, geen aangifte op grond van deze wet
art. 90, eerste lid, 1° WIB92 Vangnet buiten normaal vermogensbeheer 33 % plus gemeentelijke opcentiemen, zonder de uitzondering van art. 466

De wet zelf noemt voor normale verrichtingen van het beheer van een privévermogen geen stuksgrens, geen omzetgrens en geen frequentiegrens — de invulling ervan berust op de beroepswerkzaamheid-vraag in de rechtspraak, die deze gids niet met cijfers invult omdat de bronnen daarover geen norm bevatten. Wat de wetgever wél met een concreet getal heeft ingevuld, is het onderwerp van de volgende sectie.

De 972-euro-de-minimisregel sinds medio 2026

Sinds artikel 55 van de wet van 15 juli 2026 (BS 29.07.2026, numac 2026005724) bevat artikel 90, eerste lid, 1° WIB92 een concrete drempel voor roerende voorwerpen — daaronder vallen zilveren, platina en palladium baren en munten. De wettekst luidt: „De verrichtingen van beheer van een privévermogen bestaande uit onroerende goederen, portefeuillewaarden, met uitsluiting van de financiële activa bedoeld in artikel 92, § 1, en roerende voorwerpen worden voor de toepassing van deze bepaling onweerlegbaar vermoed normale verrichtingen van beheer van een privévermogen te zijn indien de opbrengsten daaruit bruto niet meer bedragen dan 972 euro.”

Blijven de bruto-opbrengsten uit dat beheer op ten hoogste 972 euro, dan geldt onweerlegbaar dat het om normale verrichtingen van beheer van een privévermogen gaat, en is het vangnet van artikel 90, eerste lid, 1° uitgesloten. De regel geldt vanaf aanslagjaar 2027, dus voor inkomsten vanaf 2026 — en aanslagjaar is hier niet het inkomstenjaar zelf, een verschil van precies één jaar dat bij elke ingangsdatum in deze materie terugkomt.

Belangrijk

De drempel telt de bruto-opbrengst, niet de winst: wat de wet weegt, is wat er binnenkomt, niet wat er na aftrek van uw aankoopprijs overblijft. De wettekst spreekt daarbij over de bruto-opbrengsten uit het beheer van een privévermogen bestaande uit onroerende goederen, portefeuillewaarden en roerende voorwerpen samen; of en hoe die opbrengsten per aanslagjaar worden opgeteld, wordt in de tekst niet nader bepaald. Dat de grens dus niet per stuk en niet per metaal afzonderlijk werkt, is bij die formulering de meest voor de hand liggende lezing — deze gids geeft ze als lezing en niet als vaststelling. Beleggingsgoud (art. 92, § 1 WIB92) valt uitdrukkelijk buiten het vermoeden, wat voor goud verder niets verandert: goud heeft zijn eigen regeling, met een eigen vrijstelling in artikel 96/2.

Voor de praktijk van een zilververkoper is de orde van grootte alleen al veelzeggend: 972 euro bruto is bij zilver een bescheiden hoeveelheid metaal, en wie enkele kilo's in porties van de hand doet, zit er in één beweging boven. Blijft u eronder, dan is de verkoop hoe dan ook normaal vermogensbeheer; daarboven beslist de gewone, cijferloze beroepswerkzaamheid-toets of het vangnet van artikel 90, eerste lid, 1° alsnog toeslaat — de wet noemt daarvoor immers geen aantal, geen omzet en geen frequentie. Hoe die afweging in de praktijk verloopt en welke aangifteplichten erbij horen, staat uitgewerkt in de gids over belasting op edelmetalen.

Daarmee is de fiscale kant van een zilveraankoop compleet: btw bij de instap, geen belastbaar feit bij een normale verkoop, en een vangnet met een drempel eronder. Wat overblijft is het fysieke deel van de beslissing — welke vorm, hoeveel ruimte, en hoe het metaal zich in een kast gedraagt — en dat begint bij de keuze tussen munt, baar en granulaat.

Munt, baar of granulaat: de keuze bij zilver

Voor de btw maakt de vorm geen enkel verschil: een baar, een bullionmunt en een handvol granulaat dragen zoals hierboven beschreven alle drie het volle tarief van 21 procent, en enkel bij een munt speelt de regimevraag tussen de gewone regeling en de margeregeling. Wat wél verschilt tussen de vormen, is wat u naast het metaal betaalt, en hoe makkelijk u het stuk later weer verkoopt.

Een gegoten of geslagen zilverbaar draagt doorgaans de laagste premie boven de metaalwaarde, en die premie daalt verder naarmate de baar groter wordt. Een bullionmunt kost meer om te slaan, maar is voor een particuliere koper doorgaans het makkelijkst te herkennen aan de balie, en is bovendien de enige vorm waarbij de regimevraag van hierboven concreet speelt. Een ronde of medaille lijkt op een munt maar is er juridisch geen: voor ronden en medailles is de administratieve commentaar over in edel metaal geslagen munten niet geschreven, en of zij als voorwerp voor verzamelingen kunnen gelden, is met de geraadpleegde bronnen niet vast te stellen — deze gids doet daarover dan ook geen uitspraak. Granulaat is meestal de goedkoopste vorm per gram, maar ook de minst controleerbare: korrels dragen geen individuele fijngehaltestempel, en een handelaar eist bij het inkopen ervan vrijwel altijd zelf een assaycertificaat of een smelttest.

Vorm Typisch fijngehalte Premie per gram Regimevraag (margeregeling)
Baar (gegoten of geslagen) 999 of 999,9/1000 Laagst Nooit — altijd de gewone regeling, 21 %
Bullionmunt 999 of 999,9/1000 Gemiddeld tot hoog Mogelijk — hangt af van hoe de handelaar inkocht
Ronde of medaille 999 of 999,9/1000 Gemiddeld Niet vast te stellen — de commentaar spreekt enkel over munten
Granulaat of korrels 999 of 999,9/1000 Laagst per gram Nooit — geen munt
Oude verzamelmunt (numismatisch) Wisselend, vaak 800 tot 925/1000 Draagt een numismatisch agio Mogelijk — afhankelijk van indeling door de handelaar

Tip

Reken, zoals eerder al vermeld voor de baar, elk aanbod — munt, ronde of granulaat — om naar een prijs per gram fijnzilver, inclusief btw en verzendkosten, vóór u vormen met elkaar vergelijkt. Alleen zo ziet u of een prijsverschil tussen twee vormen door de premie komt, of door iets anders.

Welke vorm het best past, hangt af van het doel: de laagste instapprijs per gram wijst naar grotere baren, deelbaarheid bij een latere verkoop naar munten, tegen een hogere premie. Die afweging is het onderwerp van de volgende sectie.

In porties verkopen: wat de coupuregrootte bij zilver kost

Een zilverpositie in kleinere coupures — munten van een troy ounce in plaats van één baar van een kilo — verkoopt makkelijker in gedeelten: u biedt aan wat u op dat moment nodig hebt, in plaats van in één keer een volledige baar te moeten omzetten. Die deelbaarheid heeft wel een prijs, letterlijk: hoe kleiner het stuk, hoe groter het aandeel van fabricage- en distributiekosten in de premie, en hoe groter doorgaans ook de spread tussen de biedkoers en de laatkoers die een handelaar hanteert.

Wie een grotere positie gespreid heeft opgebouwd en er vervolgens in porties van verkoopt, doet er goed aan zelf bij te houden welke aankoop bij welke verkoop hoort — niet omdat de wet dat voor zilver voorschrijft, want dat vereist een belastbaar feit dat hier ontbreekt, maar als eenvoudige administratieve gewoonte. Het fifo-principe — de eerst gekochte stukken gelden als de eerst verkochte — is voor zilver dus geen wettelijke verplichting zoals bij goud, maar wel een manier om zicht te houden op de bruto-opbrengsten binnen een aanslagjaar, relevant zodra u in de buurt van de 972-euro-drempel komt.

Opmerking

Verkoopt u aan een handelaar, dan bepaalt niet het aantal coupures maar de verkoopprijs of de inkoopprijs van het geheel wat telt voor de grenzen bij contant geld verderop in deze gids — niet het aantal afzonderlijke muntjes waarin u verkoopt.

Fijngehalte: 999, 925 en de oude Belgische stempels 800 en 835

Beleggingszilver komt vrijwel altijd voor in een fijngehalte van 999 of 999,9 op de 1000, nagenoeg zuiver. Sieraden en bestek liggen historisch lager, en net daar wordt het voor een Belgische koper interessant, want de wet noemt zelf maar een handvol erkende gehaltes.

Wat de wet vandaag nog erkent

Dezelfde Waarborgwet van 11 augustus 1987 die het fijngehalte van goud regelt, noemt voor zilver maar twee gehaltes waarvoor de vrijwillige rijkskeuring een stempel toekent: 925 en 835 duizendsten. Het sterlingzilver van 925/1000 is de internationale standaard voor sieraden en bestek; 835/1000 is de gehalte-aanduiding die op ouder Belgisch zilver vaak wordt teruggevonden, eveneens stempelbaar volgens dezelfde wet. De benaming „zilver” zelf is volgens diezelfde wet trouwens pas toegelaten vanaf meer dan 500/1000: tot en met dat gehalte mag een stuk niet als zilver worden aangeduid.

Wat de wet daarentegen niet meer erkent, is het gehalte van 800/1000: dat ligt buiten de stempelbare gehaltes van 1987 en komt vandaag vooral tegen op ouder bestek en sieraden uit de periode vóór die wet. Zo'n stuk is daarom niet vervalst — het valt gewoon buiten het gehalte dat de rijkskeuring nog erkent, wat iets anders is dan een oordeel over de echtheid ervan. Het Britannia-zilver van 958/1000 duikt soms op bij oudere Britse munten, hoger dan sterling maar zonder enige rol in de Belgische wet.

Fijngehalte Aanduiding Waar u het tegenkomt
999,9/1000 Fijnzilver, hoogste beleggingsgehalte Moderne beleggingsstaven en -munten
999/1000 Fijnzilver (rond getal) Sommige beleggingsronden en medailles
958/1000 Britannia-zilver, oude Britse standaard Oudere Britse en Gemenebest-munten
925/1000 Sterlingzilver, internationale standaard Sieraden en bestek, ook in België; stempelbaar (Wet van 11 augustus 1987)
835/1000 Belgische stempelnorm Ouder Belgisch bestek en sieraden; eveneens stempelbaar (Wet van 11 augustus 1987)
800/1000 Oudere Belgische legering Bestek en sieraden van vóór 1987; niet meer stempelbaar
500/1000 Wettelijke ondergrens Tot en met dit gehalte mag een stuk niet als zilver worden aangeduid; de benaming mag pas vanaf meer dan 500/1000 (Art. 19, § 2, Wet van 11 augustus 1987)

Belangrijk

Deze gehaltes zeggen iets over de samenstelling van het metaal, niets over of een stuk fiscaal gunstig wordt behandeld. Voor zilver speelt die vraag toch al niet: zoals hierboven uitgelegd, kent de nieuwe belasting op meerwaarden geen enkel gehaltecriterium voor zilver, simpelweg omdat het metaal niet in de opsomming van de wet voorkomt.

Volume en gewicht: de rekensom voor de aankoop

Bij eenzelfde investeringsbedrag koopt u van zilver, in vergelijking met goud, doorgaans een veelvoud aan gewicht: de goud-zilverratio drukt precies die verhouding uit. Wat bij een aankoopbeslissing hoort, is de fysieke kant van diezelfde verhouding: meer gewicht in zilver betekent ook meer volume, en dat is een rekensom in dichtheid, geen koersvoorspelling.

Een rekenvoorbeeld: dichtheid, geen koers

Dichtheid zilver (fijn)                          10,49 g/cm³
Dichtheid goud (fijn)                            19,32 g/cm³

1 kg zilver  →  volume ≈ 1.000 / 10,49  ≈   95,3 cm³
1 kg goud    →  volume ≈ 1.000 / 19,32  ≈   51,8 cm³

Bij eenzelfde gewicht neemt zilver dus bijna het dubbele van het volume van goud in. Omdat eenzelfde investeringsbedrag in zilver bovendien doorgaans ook al een veelvoud aan gewicht oplevert, telt dit volume-effect in de praktijk dubbel: een zilverpositie van een bepaalde waarde vraagt aanzienlijk meer fysieke ruimte dan een even grote goudpositie in euro's — een overweging die los staat van elke koersverwachting.

Metaal Dichtheid (g/cm³) Volume van 1 kg
Goud 19,32 ≈ 51,8 cm³
Zilver 10,49 ≈ 95,3 cm³
Platina 21,45 ≈ 46,6 cm³
Palladium 12,02 ≈ 83,2 cm³
Water (referentie) 1,00 1.000 cm³ (1 liter)

De eenheidsomrekenaar zet gram, troy ounce en de minder courante avoirdupois ounce voor u om — op een Belgisch etiket zelden nodig, maar wel bij een aanbieding uit het buitenland.

Aanlopen en milk spots: chemie, geen waardeverlies

Zilver dat aan lucht wordt blootgesteld, reageert op termijn met sporen zwavelverbindingen tot een dun laagje zilversulfide op het oppervlak — het aanlopen dat een muntje of een baar geel, dan bruin en uiteindelijk zwart kan doen kleuren. Dat is een oppervlaktereactie, geen corrosie die metaal wegvreet: onder de aanslag zit nog exact hetzelfde gewicht en gehalte zilver als voor de reactie, en de materiaalwaarde verandert er niet door.

Milk spots zijn iets anders: witte, melkachtige vlekken die vooral op moderne, glanzend geslagen bullionmunten voorkomen en waarvan algemeen wordt aangenomen dat ze al bij de munterij ontstaan, door residu van het productieproces. Anders dan aanlopen is een milk spot dus geen latere reactie met de omgeving, en nauwelijks te verwijderen zonder het oppervlak te beschadigen.

Tip

Voor beleggingszilver dat op gewicht en gehalte wordt verhandeld, verandert geen van beide verschijnselen iets aan de materiaalwaarde: de smeltwaardecalculator rekent nog altijd hetzelfde bedrag uit. Bij een muntstuk met een numismatisch agio kan een handelaar een aangelopen of bevlekt exemplaar wel lager inschatten — dat is dan een esthetisch, geen fiscaal of chemisch argument.

Wie de echtheid van een stuk wil nagaan zonder het te beschadigen, kan enkele eenvoudige huistests combineren: een magneettest sluit ijzerhoudende vervalsingen uit, een klanktest beoordeelt de heldere klank die zuiver zilver bij een tik geeft, en een ijssmelttest maakt gebruik van de uitzonderlijk hoge warmtegeleiding van zilver. Geen van deze tests is op zichzelf sluitend — een zuurtest beschadigt bovendien het oppervlak zichtbaar — en bij twijfel blijft een professionele beoordeling de enige zekerheid.

De goud-zilverratio bij een Belgische aankoop

De goud-zilverratio — hoeveel ounces zilver dezelfde prijs hebben als één ounce goud — is een marktgegeven, en de mechaniek erachter hoort thuis in de gids over hoe de zilverprijs tot stand komt, niet in een koopgids. Wat wél bij een Belgische aankoop hoort, is wat de btw met die verhouding doet: een Belgische koper betaalt op goud 0 procent extra en op zilver 21 procent extra, en dat verschil zit niet in het getal op een koerspagina.

Wat de btw met de ratio doet

Wie voor eenzelfde bedrag wil verdelen tussen goud en zilver, rekent dus met twee verhoudingen die uiteenlopen: de zuivere marktratio, en de verhouding die na de Belgische instapkosten overblijft, waarin zilver door de btw relatief duurder instapt. Dat is geen argument vóór of tegen een van beide metalen — deze gids doet geen koopadvies — maar wel een rekenkundig gegeven dat de kale marktratio alleen niet toont.

Opmerking

De ratiopagina toont de zuivere marktverhouding op basis van de spotprijzen, zonder premie en zonder btw. Voor wat die verhouding voor uw eigen aankoop in euro's betekent, telt u zelf de premie en, voor zilver, de 21 procent btw bij de zilverkant van de vergelijking op.

Wat een zilverbestand aan opslag vraagt

Het rechtstreekse gevolg van de rekensom hierboven: wie voor eenzelfde bedrag kiest voor zilver in plaats van goud, bouwt een fysiek pak metaal op dat aanzienlijk meer plaats en gewicht vraagt. Een baar van een kilo zilver is merkbaar groter dan een baar van een kilo goud, en wie zelf thuis bewaart, moet daar met de afmetingen van een kluis of een kast rekening mee houden op een manier die bij goud zelden speelt.

Hoe u dat metaal vervolgens veilig bewaart — eigen kluis versus bankkluis, documentatie, verzekering — behandelt deze gids niet: dat staat volledig uitgewerkt in de gids over edelmetaal bewaren en verzekeren. Wat hier nog past, is een woord over hoe u er zelf voor betaalt: contant geld.

Cash betalen bij een zilveraankoop

De Belgische wet van 18 september 2017 spreekt niet over goud alleen, maar over edele stoffen — goud, platina, zilver en palladium samen — en legt voor die hele groep dezelfde regels voor contante betaling op. Voor edelmetaal gelden daarbij vier verschillende grenzen, naargelang koper en verkoper particulier dan wel professioneel zijn; ze staan, samen met de rechtzetting die het arrest nr. 48/2025 van het Grondwettelijk Hof daarin heeft aangebracht, volledig uitgewerkt in de gids over goud kopen. Voor zilver gelden ze ongewijzigd: de wet noemt de vier metalen in één adem en maakt tussen hen geen onderscheid, ook niet naar waarde per gram.

Wat voor zilver wel een eigen kantje heeft, is de fysieke kant van diezelfde grenzen: omdat zilver per gram maar een fractie waard is van wat goud waard is, vertegenwoordigt eenzelfde eurobedrag in zilver — zoals de twee voorgaande secties al toonden — een veelvoud aan gewicht en volume. Wie bij zilver tegen de bovengrens van een contante aankoop aanloopt, doet dat dus met een aanzienlijk zwaardere en omvangrijkere hoeveelheid metaal, wat zo'n transactie minder een kwestie van een dikke portefeuille maakt, en meer een kwestie van een tas of een koffer die u nadien nog moet vervoeren en thuis kwijt moet kunnen.

Kopen op afstand: geen herroepingsrecht bij een koersgebonden prijs

Een online zilveraankoop is bindend zodra de bestelling bevestigd is: bij een prijs die aan de metaalkoers hangt, bestaat er geen bedenktijd van veertien dagen. De norm, de redenering erachter en de afzonderlijke uitsluiting voor een openbare veiling staan volledig uitgewerkt in de gids over goud kopen, en voor zilver gelden ze ongewijzigd. Wat u bij zilver vóór die bevestiging bovendien nog vraagt, is de regimevraag van eerder in deze gids: onder welk btw-regime de factuur wordt opgemaakt, want achteraf verandert daar niets meer aan.

Wat deze zilvergids aan andere gidsen overlaat

Deze gids volgde zilver van de btw bij aankoop tot de fysieke keuzes die daarna komen: vorm, gehalte, volume en de manier van betalen. Bewust niet hierin behandeld, telkens met de gids die het onderwerp wel volledig uitwerkt: hoe de zilverprijs zelf tot stand komt, in hoe de zilverprijs tot stand komt; hoe de goudprijs zich daartoe verhoudt, in hoe de goudprijs tot stand komt; de volledige btw-regeling voor goud en de Belga Gold, in goud kopen in België; en alle details van de belasting op meerwaarden in belasting op edelmetalen in België.

Platina en palladium delen met zilver dezelfde btw-behandeling en dezelfde afwezigheid in de nieuwe belasting op meerwaarden; die twee metalen staan in platina en palladium in België. Bewaren, verzekeren, vinden en begraven staan in edelmetaal bewaren en verzekeren en in edelmetaal begraven en de wet.

Deze gids is geen fiscaal, juridisch of financieel advies, bevat geen koersvoorspelling en geen aanbeveling over het beste aankoopmoment. De genoemde bedragen en normen golden bij de laatste update hierboven — België paste zijn regels voor edelmetaal in 2026 op meerdere punten aan, dus controleer een bedrag voor een concrete beslissing altijd tegen de bronnen onderaan deze gids.

Rekenhulpen bij dit onderwerp

Veelgestelde vragen

Betaal ik btw op een zilverbaar of een zilveren munt in België?

Ja, altijd. Zilver kent, anders dan beleggingsgoud, geen enkele btw-vrijstelling: elke vorm — baar, bullionmunt, ronde of granulaat — draagt het algemene tarief van 21 procent op de volledige prijs (art. 37 WBTW). Voor zilver van beleggingskwaliteit geldt geen apart tarief, en er is ook geen ondergrens waaronder de btw niet wordt geheven. Enkel bij een muntstuk dat de administratie als verzamelvoorwerp aanmerkt, kan de margeregeling van toepassing zijn, maar dan verandert dat niets aan het algemene tarief zelf.

Is zilver vrijgesteld van de nieuwe Belgische belasting op meerwaarden?

Zilver is niet vrijgesteld — het komt gewoon niet voor in de wet. Artikel 92, § 1 WIB92 somt de financiële activa op in vier onderdelen a) tot d); zilver, platina en palladium staan in geen van die vier. Er is dus geen belastbaar feit, en dat is iets anders dan een vrijstelling: een vrijstelling onderstelt een belastbaar feit dat de wet uitdrukkelijk terugneemt, zoals bij goud de eerste schijf van artikel 96/2. Bij zilver ontbreekt die eerste stap al.

Wat houdt het vangnet van artikel 90, eerste lid, 1° WIB92 voor een zilververkoop in?

Het is de oudere regel die naast de nieuwe wet blijft bestaan, en ze knoopt niet aan het metaal aan maar aan uw manier van handelen. Winst die buiten de normale verrichtingen van het beheer van een privévermogen wordt gemaakt, is een divers inkomen tegen 33 procent, en anders dan bij beleggingsgoud komen de gemeentelijke opcentiemen daar bovenop: de uitzondering van artikel 466, tweede lid WIB92 geldt alleen voor de nieuwe regeling van artikel 90, eerste lid, 9°, niet voor 1°. Sinds de wet van 15 juli 2026 ligt daar wel een ondergrens onder, en die staat in de volgende vraag.

Telt de 972-euro-grens per stuk, per metaal of samen?

Op de bruto-opbrengst in elk geval, en niet op de winst — dat staat er met zoveel woorden. Verder reikt de wettekst niet: artikel 90, eerste lid, 1° WIB92 spreekt over de bruto-opbrengsten uit het beheer van een privévermogen bestaande uit onroerende goederen, portefeuillewaarden en roerende voorwerpen samen, en of en hoe die opbrengsten per aanslagjaar worden opgeteld, wordt in de tekst niet nader bepaald. Optellen over die voorwerpen heen ligt bij die formulering meer voor de hand dan een aparte grens per stuk of per metaal, maar dat blijft een lezing en geen vaststelling. Wat wél vaststaat: beleggingsgoud en de overige financiële activa van artikel 92, § 1 zijn uitdrukkelijk uitgezonderd, want voor goud geldt de aparte, echte vrijstelling van artikel 96/2. De regel geldt vanaf aanslagjaar 2027, dus voor inkomsten vanaf 2026.

Kan ik een zilveren bullionmunt via de margeregeling kopen in plaats van tegen 21 procent op de volle prijs?

Dat hangt niet van u af, maar van hoe de handelaar het stuk zelf heeft ingekocht. Volgens de administratieve commentaar (circulaire 2022/C/30) merkt de administratie in edel metaal geslagen munten die wettig betaalmiddel zijn, maar normaal niet als zodanig gebruikt worden, aan als verzamelvoorwerp — wat de weg naar de margeregeling opent. Dat standpunt bindt de administratie zelf, niet de rechter en niet u. Een zilverbaar komt daar nooit voor in aanmerking: edele metalen zijn uitdrukkelijk uitgesloten van de margeregeling voor gebruikte goederen. Vraag bij een munt vóór de aankoop onder welk regime de factuur valt.

Weegt een contante zilveraankoop zwaarder dan eenzelfde bedrag in goud?

Juridisch niet, fysiek wel. De wet van 18 september 2017 spreekt over edele stoffen — goud, platina, zilver en palladium samen — en maakt bij de grenzen voor contante betaling tussen die vier metalen geen enkel onderscheid; welke grens in welke situatie geldt, en hoe het arrest nr. 48/2025 van het Grondwettelijk Hof dat beeld heeft rechtgezet, staat volledig uitgewerkt in de gids over goud kopen in België. Wat bij zilver anders uitpakt, is de hoeveelheid achter het bedrag: omdat zilver per gram maar een fractie waard is van goud, staat achter eenzelfde bedrag een veelvoud aan gewicht en volume, en dat merkt u eerder aan het vervoer dan aan de kassa.

Hoeveel plaats vraagt zilver in vergelijking met eenzelfde bedrag in goud?

Aanzienlijk meer, en dat om twee redenen die op elkaar stapelen. Zilver is per gram maar een fractie waard van goud, zodat eenzelfde investeringsbedrag een veelvoud aan gewicht oplevert; daar bovenop is zilver met een dichtheid van 10,49 g/cm³ veel minder compact dan goud met 19,32 g/cm³, waardoor één kilo zilver ongeveer 95,3 cm³ inneemt tegenover ongeveer 51,8 cm³ voor één kilo goud. Dat volume-effect telt bij een aankoopbeslissing dus dubbel: een zilverpositie van een bepaalde waarde vraagt merkbaar meer ruimte in een kluis of kast dan een even grote goudpositie in euro's, en ze weegt navenant zwaarder zodra u ze moet vervoeren. Het is een rekensom in dichtheid, geen uitspraak over de koers.

Wat betekenen de stempels 800 en 835 op oud Belgisch zilver?

Het zijn fijngehaltes in duizendsten die op ouder Belgisch bestek en sieraden voorkomen. De Waarborgwet van 11 augustus 1987 erkent voor de vrijwillige rijkskeuring vandaag alleen nog 925 (sterlingzilver) en 835 duizendsten als stempelbare zilvergehaltes; 800/1000 ligt daarbuiten en komt vooral tegen op stukken van vóór die wet. Dat maakt zo'n stuk niet vervalst — het valt gewoon buiten het gehalte dat de huidige keuring nog erkent, wat iets anders is dan een uitspraak over de echtheid ervan.

Verwante gidsen

Hoe de zilverprijs ontstaat: de Londense fixing, industriële vraag, mijnaanbod als bijproduct, recycling en de...

Gids lezen

Hoe België sinds 2026 goud, zilver, platina en palladium belast: de meerwaardebelasting, btw, erfbelasting per...

Gids lezen

Platina en palladium dragen in België steeds 21 procent btw en vallen buiten de nieuwe belasting op meerwaarde...

Gids lezen

Bronnen & verdere informatie

Geschreven en onderhouden door Markus Markert. Redactionele inhoud — geen beleggingsadvies, geen koopaanbeveling en geen koersvoorspelling. Fiscale en juridische punten worden getoetst aan publicaties van de FOD Financiën en aan de geconsolideerde teksten op Justel en regelmatig bijgewerkt; ze vervangen geen advies over een concrete situatie.

Terug naar de gidsen Laatst bijgewerkt: 8 september 2026

Cookiebanner? Nee!

Geen tracking, geen advertenties, geen surveillance. Beloofd. → Privacybelofte ←

Fout melden

Help ons de site te verbeteren