Fijngehalte
Ook bekend als: Fijnheid, Zuiverheidsgraad, Fijngoudgehalte, Karaat
Het fijngehalte drukt uit hoeveel zuiver edelmetaal er in een legering zit – weergegeven in duizendsten (bv. 999) of in karaat (bv. 585 = 14 karaat).
Bevalt wat u hier ziet en leest?
We leggen ons hart en ziel in het snel, proper en gratis houden van preciousmetalprices.com — geen betaalmuren, geen rommel, enkel betrouwbare feiten en livekoersen. Als het je van pas komt, is de fijnste manier om merci te zeggen het gewoon door te vertellen. Elke keer dat je het deelt, laat je een medebelegger ons ontdekken en houd je het project mee in leven. 💛
Bevalt wat u hier ziet en leest?
We leggen ons hart en ziel in het snel, proper en gratis houden van preciousmetalprices.com — geen betaalmuren, geen rommel, enkel betrouwbare feiten en livekoersen. Als het je van pas komt, is de fijnste manier om merci te zeggen het gewoon door te vertellen. Elke keer dat je het deelt, laat je een medebelegger ons ontdekken en houd je het project mee in leven. 💛
Het fijngehalte – ook wel fijnheid – vertelt welk deel van een legering uit puur edelmetaal bestaat. Zuiver goud, zilver of platina is voor de meeste toepassingen simpelweg te zacht, en daarom voegt men er bijmetalen aan toe zoals koper, zilver of palladium. Hoe groot het aandeel echt edelmetaal in dat mengsel is, dat is nu net wat het fijngehalte uitdrukt.
Duizendsten of karaat
In de praktijk komt u het fijngehalte in twee gedaanten tegen:
- Promille / duizendsten: een stempel 999 wil zeggen dat 999 van de 1000 delen fijngoud zijn – oftewel 99,9%. Op zowat alle baren en beleggingsmunten is dit de gangbare notatie.
- Karaat (uitsluitend bij goud): 24 karaat staat gelijk aan 100% fijngoud. 18 karaat is dan 18/24, wat neerkomt op 750/1000.
Ter oriëntatie de meest voorkomende goudlegeringen:
| Karaat | Fijngehalte | Aandeel fijngoud |
|---|---|---|
| 24 kt | 999 | 99,9% |
| 22 kt | 916 | 91,6% |
| 18 kt | 750 | 75,0% |
| 14 kt | 585 | 58,5% |
| 8 kt | 333 | 33,3% |
Waarom het fijngehalte de waarde bepaalt
De materiaalwaarde van een sieraad hangt rechtstreeks af van het fijngehalte. Een gouden ring met stempel 585 bevat maar 58,5% fijngoud; de rest – koper en zilver – draagt nauwelijks bij aan de edelmetaalwaarde. Om de zuivere metaalwaarde (de smeltwaarde) te bepalen, vermenigvuldigt u het gewicht met het fijngehalte en met de actuele goudprijs. De smeltwaardecalculator doet dat rekenwerk vanzelf – ook voor een gemengd lot van 333‰-, 585‰- en 750‰-goud.
De keurstempel als indicator
Op edelmetaalwaren staat vaak een keurstempel (of punt) die het fijngehalte aangeeft – bijvoorbeeld „750" voor 18-karaats goud of „925" voor sterlingzilver. In België zorgt geen algemene waarborgverplichting voor sluitende dekking, maar een aangegeven fijngehalte moet wel kloppen met de werkelijkheid. Voor beleggingsgoud legt de Europese regelgeving (Richtlijn 2006/112/EG, in Belgisch recht via artikel 44bis WBTW) bovendien minimumdrempels op: goudbaren vanaf 995‰ en beleggingsmunten vanaf 900‰. Enkel wie aan die maat voldoet, geniet de btw-vrijstelling. Anders dan bij goud kent Nederland een box-3-systeem; België werkt met een andere fiscale logica, waarover meer bij de betreffende lemma's.
Bij tandgoud ontbreekt de stempel meestal helemaal. Dan biedt de gespecialiseerde tandgoudcalculator uitkomst, die uitgaat van gebruikelijke legeringen tussen 750‰ en 900‰.
Kort samengevat
Het fijngehalte is de sleutel tot de materiaalwaarde. Zonder dat cijfer valt uit gewicht en dagprijs geen betrouwbare waarde af te leiden. Wie sieraden of breukgoud wil taxeren, bepaalt dus eerst het fijngehalte – via de keurstempel of via een deskundige analyse.
Bronnen: ISO 9202 (fijnheidsnorm), EUR-Lex Richtlijn 2006/112/EG, FOD Financiën (btw-regeling beleggingsgoud, financien.belgium.be).